Skip to content

Happy motoring in Groningen: een cultuurhistorische terugblik op de Groningse benzinestations

De jaren 1950, een tijd van wederopbouw en Wirtschaftswunder. Gezinnen hadden nu niet alleen geld over voor een televisie, een wasautomaat of een vakantie, maar ook voor een eigen auto. Het aantal auto’s verdriedubbelde tussen 1950 en 1960. Voor al die auto’s was natuurlijk ook benzine nodig. Daarom volgden al snel bijzondere benzinestations die onder architectuur gebouwd werden. Groningen had vier van deze bijzondere vulstations.

De opkomst van deze vulstations en benzine is niet zonder slag of stoot  gegaan. Aan het einde van de 19de eeuw werden producten uit de petroleumindustrie, zoals benzine, alleen verkocht bij drogisten en apotheken. Deze stoffen waren behoorlijk gevaarlijk. In 1895 was er een benzineontploffing waarbij drie mensen omkwamen en vier huizen afbrandden in het Poolse Niemierow. De vooruitgang was echter niet te stoppen.

De auto’s ontwikkelden zich verder en al snel vroegen vele ondernemers handpompen aan met grote ondergrondse tanks. In de jaren ’20 en ’30 nam ook de omvang van de tanks toe. Waar in 1898 nog een bovengrondse tank van 150 kilo voldeed was in de jaren ’20 een ondergrondse tank van 2000 liter al niet meer genoeg. In 1929 werden al tanks van 6000 liter aangevraagd en in de jaren ’50 en ’60 ging men over op 12.000 liter.

Sommige burgers protesteerden ook tegen de komst van de pompen. Zo waren ze bang  voor explosies, hogere brandverzekeringspremies, ondervonden ze overlast van benzinedampen en vonden ze het straatbeeld verpest. Toen de pompen in de jaren ’30 elektrisch werden, was men bang dat deze de radio-ontvangst zouden verstoren. Met de komst van het televisietoestel herleefde deze angst weer in de jaren ’50.

Tussen de jaren ’50 en ’70 nam het aantal auto’s van 2.640 naar 22.000 toe. Grote oliemaatschappijen probeerden strategische plekken voor nieuwe verkooppunten te bemachtigen. De gemeente vond dit niet altijd een goed plan. Openbare Werken legde aan het College uit dat al die pompen niet visueel aantrekkelijk waren, maar wel belangrijk waren voor de economie. Het advies was om de nieuwe benzinestations door architecten van naam te laten ontwerpen. Uiteindelijk kwamen er vier bijzondere en moderne benzinestations in Groningen. Nu is alleen nog maar het Dudok-vulstation aan de Turfsingel overgebleven, tevens het laatste Dudokstation in situ. Wat is er met de andere bijzondere stations gebeurd? Lees hier meer over in het artikel ‘Happy motoring in Groningen’ in de 23ste editie van Hervonden Stad.

Scroll To Top